Lopende onderzoeken
mutatiedatum: 12 augustus 2004
Hier worden lopende onderzoeken naar Oostrum's beschreven. Wij
vragen hulp bij deze onderzoeken.
Op 15 februari 1917 werd te Rotterdam een Hendrik van Oosterom
geboren. Hij diende in het KNIL. Woonde tot 17-2-1970? in Ermelo gemeente Nunspeet
en vertrok toen naar Nieuw Zeeland. Wie weet meer over Hendrik?
Onderzoek naar Mr. Nicolaas Andriesz van Oostrum
rector van de latijnse school te Naaldwijk. Hij overleed vóór 23
december 1585 (sententie Hof van Holland). Hij was gehuwd met Maritge Claasdr.
Uit het huwelijk zijn geen kinderen geboren. Er ontstond onenigheid over de
erfenis, naar aanleiding van de bepalingen in hun testament d.d. 16 mei 1574,
die toeviel aan zijn familie: Christina Andriesdr (zuster?) en Alexandrina Alexanders
(nichtje?) van Oostrum. De laatste woonde in 1614 in Keulen. Alexander
Andriesz (de vader van Alexandrina) komt voor in de sententie van het Hof van
Holland (1075D, 98) d.d. 30-1-1571.Hij was Schout van Oostvoorne en behoorde,
gezien gebruik van het wapen, tot het adellijke geslacht.
Onderzoek naar de aansluiting met het adelijke geslacht (die ongetwijfeld
bestaat) van Johan Gijsbertsz Johansz van Oostrum, brouwer op de Oude
Gracht bij de Voldersbrug te Utrecht (brouwerij de Boog) overl. ca. 1509
gehuwd met Maria Jansdr. (zij hetrouwde Willem Florisz.) De zonen de broers
Gijsbert (ook voor Marie zijn vrouw) en Adriaan van Oostrum (ook voor Margriet
zijn vrouw) staan eind maart 1527 borg voor het erfdeel van de kinderen van
hun broer Cornelis bij Kunera met de namen Anna, Magriet, Maria en Conelia.
Zij geven hypotheek op een huis en vijf kamers op de zuidzijde in Rosendaal
waar zij zelf met hun "poortweg" ten westen. Er wordt in die akte
nog verwezen naar een schuldbrief van Cornelis van eind maart 1518.
Een Peter van Oostrum bezat meerdere onroerende goederen:
Op 28 juni 1530 werd door Frans Jansz van der Goude een hofstede in de Kockensteeg
(=Keukenstraat) in de Oudellen te Utrecht aan hem in erfpacht overgedragen.
Deze straat lag in de vrijheid van het Domkapittel dat ook gerechtigd was tot
de pacht, te betalen op St. Maarten. Peter bezat reeds in 1522 twee van de belendende
percelen. Op 12 februari 1522, dan gehuwd met Heylwich ........, komt hij ook
voor in een akte betreffende de Kockensteeg. Reeds in 1509 verkreeg Willem van
Oostrum , brouwer, een hofstede in de Kockesteeg.
Onderzoek naar de herkomst van Cornelis Ariensz Smetser
(stamvader van de Oostrum-tak beginnende bij Jan Ariensz Smetser alias Brugge
alias van Oostrum te Jaarsveld). Hij huurt ca. 1580 "Het goed Oversloot
in het gerecht Jaarsveld, waarin een uiterwaard en zandwaard op Oderixoy, strekkende
van de Lekdijk tot de Lek" eigendom van Jonkheer Carel Steur. Er wordt
gezocht naar een familieband met de Smetser's in Zoeterwoude? Ook de vindplaats,
Utrecht?, van het wapen Smetzer (afkomstig uit de collectie Rheede van der Kloot,
1913) dat aanwezig is in de collectie van het CBG wordt gezocht. Het is niet
onmogelijk dat Cornelis Smetser ook de vader is van Jan Cornelisz Smetser die
in Montfoort woonde. Hier rijst ook de vraag, waarom de naam van Oostrum werd
aangenomen.
Onderzoek naar de afkomst van Arien Ernsten van Oostrum te
Lopikerkapel/Meerkerksbroek/Jaarsveld, gehuwd in 1661 te Lopikerkapel met
Grietje Claesdr. Blom. Hij blijkt niet de zoon van Ernst Bastiaansz te zijn,
van dit lid van de familie de Jon(g)cxste zijn alle kinderen in een boedelscheiding
gevonden. Arien Ernsten pacht in 1689 een hofstede van 18 morgen, waarvan nog
2 morgen leenroerig zijn aan Jonker Johan van Oostrum van Moersbergen. Deze
hofstede wordt dan Goyland genoemd, naar de eigenaar Johannes de Goy. De hofstede
was echter veel vroeger in z'n geheel een leengoed van de adellijke familie
van Oostrum. Blijft nog de vraag wie zijn de ouders van Arien Ernsten? Ernst
Ariensz van Oostrum te Vechten, Ernst Ariensz te Harmelen of bijv. Ernst Aerts
uit Lopik die in 1620 in Jaarsveld trouwt met Teuntje Gijsbertsdr een weduwe.
Alles is mogelijk. Het onderzoek wordt nu weer toegespitst op Ernst Ariensz
van Oostrum in Vechten/Bunnik als de mogelijke vader. Hij is de zoon van Arien
Jansz van Oostrum gehuwd met Annigje Cornelis Aalbertsdr. Hij volgt op als de
gebruiker van de hofstede van 14 morgen afkomstig van opa Cornelis Aalbertsz.
Deze hofstede is kennelijk bloot eigendom van het Dom-kapitel. Een onderzoek
in de rekeningen van dat kapitel geeft misschien duidelijkheid wat er met deze
hofstede na het overlijden (1637?) van hem is gebeurd? In 1639 zijn er nog problemen
over betalingen met Jan Willemsz van Baeren de pander van de Staten van Utrecht,
ook dit geeft een zoek mogelijkheid. Kijken we naar de jaartallen: Ernst is
overleden in 1637? Arien Ernsten zou dan tussen ca. 1620 en 1638 geboren kunnen
zijn. Dit is in verhouding met zijn huwelijksjaar 1661 en overlijdensjaar 1706
goed te combineren. Belangrijk zoekonderwerp is het bestaan? van de onbekende
vrouw van Ernst; leeft zij nog als Ernst overlijdt? We zien dat zijn moeder
in 1637 (een deel) van de inboedel aan broer Cornelis verkoopt. Verhuist zijn
weduwe naar Lopikerkapel met zoontje Arien? en hertrouwt? zij daar met een protestantse
man?